Mijn ‘dossier’

Gisterochtend liep ik voor de laatste keer door mijn ouderlijk huis. Mijn vader heeft het in 1956 gekocht en na 63 jaar komt het in andere handen. Eén van mijn zussen (executeur) gaf mij gister ook mijn ‘dossier’ waarin ik veel dierbare stukken aantrof. Mijn geboortekaartje, mijn 2008-trouwkaart, verhuiskaarten, vakantiekaartjes, boekje van mijn eerste communie, balvaardigheidsdiploma, slagvaardigheidsdiploma, zwemdiploma A en B, faxen van en naar de advocaat vanwege mijn scheiding, het geboortekaartje van mijn zoon, allerlei brieven van ‘ik houd van jullie’ tot ‘woede-uitbarstingen’, een pasfoto uit 1980 en allemaal rapporten die toentertijd niet werden gedeeld met mij wat toen heel normaal was. Nu lezen mijn zoon en ik zijn rapport door en is hij soms bij het gesprek erover aanwezig.

En over juist die rapporten gaat het mij. Het zijn de rapporten van de jaren op de basisschool, 1972-1980. Ik wilde eerst een heel stuk over die rapporten schrijven, wat de juffen allemaal niet over mij geschreven hebben maar nu ik er langer over nadenk, denk ik dat het leuker is om te kijken wat ik overwonnen heb.

1976-1977

Wat ik vaak hoor op de basisschool van mijn zoon is dat ze al in groep 2/3 kunnen zien of je kind een hoog- of laagvlieger zal zijn.

Laagvlieger, het klinkt zo negatief. Maar is dat het wel? Als ik zo mijn rapporten van vroeger lees, was ik een laagvlieger. Maar heel even serieus, wat heb ik door tegenslag veel geleerd! En wat heb ik veel overwonnen tussen toen en nu. Ik heb mij nooit een laagvlieger gevoeld gelukkig!

Laag- of hoogvlieger, het zegt ook eigenlijk helemaal niks. In deze wereld kunnen we niet alleen maar hoogvliegers hebben! Iedereen bezit bijzondere eigenschappen, die kun je niet zomaar even uitstuffen omdat je volgens iemand een laagvlieger bent.

Mijn rapporten zijn getypt op een typemachine. Ja ja, niet digitaal met de leukste kleuren en cijfers. Gewoon een heel epistel hoe je als kind op de leidster overkomt. De school telde zeker 200 leerlingen. De Katholieke Montessorischool in Bussum. Zelfstandig werken, in groepjes met takenlijsten.

Ik had niet veel vrienden maar ik was gelukkig?! Ik lag door mijn lange stelten ook wat buiten de groep. Een buitenbeentje. Als ik mijn rapporten zo lees, schrik ik eigenlijk best wel.

Verlegen, amper spontaan, weinig creativiteit, zeer geconcentreerd, werkt in een rustig tempo, plichtsgetrouw, weinig fantasie, vriendelijk, standvastig, zeer zelfstandig, kan leuk en logisch vertellen, niet proactief, weinig belangstelling, teruggetrokken, leergierig, uit zich moeilijk.

Elke maandag sta ik tegenwoordig in de schoolbibliotheek hier in het dorp en kom ik in aanraking met kinderen. Als ik een meisje zou zien met deze omschrijving, zou ik mij echt afvragen of ze wel gelukkig is. Dan zou ik mijn stinkende best doen om een lach op haar gezicht te toveren. Dan zou ik haar het gevoel willen geven dat het hier veilig is en haar zeggen dat ze mag zijn wie ze is. Een puur meisje dat graag voor vol aangezien wil worden.

Dierbare documenten die mij ook eigenlijk wel een beetje boos maken. In die acht jaar tijd is het die juffen daar niet gelukt om van een verlegen meisje dat zichzelf niet durfde te laten zien en horen, dát gevoel te geven dat ze er toe doet, dat ze mag zijn wie ze is en ja, misschien is dan de manier van lesgeven anders dan normaal, maar dan was er misschien wel iets moois ontstaan. Uiteindelijk is het helemaal goed gekomen met mij, maar oké ik heb het niet makkelijk gehad.

Soms vraagt iemand mij wel eens ‘zou je je jeugd nog eens over willen doen als je die kans zou hebben?’ Tsja, waarom zou ik daarover moeten nadenken? Het kan toch niet. Maar ja, als het wel zou kunnen, zou ik het nog niet over willen doen. Ik ben tevreden in mijn leven, gelukkig met mijn man en zoon. Gelukkig met mijn leven. Ik zou een onzekere toekomst creëren als ik het verleden zou veranderen.

Ik ben zo gegroeid in al die jaren. Stel jezelf dat schuchtere meisje van 11 jaar voor. Onderstaande tekst heeft mijn manager van IBM in 2007 geschreven over mij, 27 jaar later. En of ik gegroeid ben!

Anouk is een zeer loyale medewerkster waarmee ik met veel plezier een aantal jaren heb gewerkt. De secretariële ondersteuning van haar is altijd een voorbeeld geweest voor vele anderen! Ze heeft een proactieve manier van werken en kan zich verplaatsen in de gedachtengoed van haar bazen. Daarnaast verdiept zij zich in de materie en weet daarmee haar eigen kennisniveau op te bouwen. Ze is zeer gedegen en representatief in haar manier van werken. Als je weet dat ze iets georganiseerd heeft, kun je erop vertrouwen dat het goed is.

Dierbare documenten dus in mijn ‘dossier’.

In het kader van mijn ouderlijk huis, dat er leeg en verlaten bij ligt, prachtige dit liedje van Trijntje Oosterhuis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s